BeertenVeraAlexander-SlechtsKwadeWind

 15,00

Slechts kwade wind

Auteur: Vera Alexander Beerten

‘Overal is wind nu en asgrauw water – / Leven dat zich uit de nerven wekt / En zwart op wit bestaat.’

In haar derde bundel portretteert Beerten in enkele beklijvende cycli de dood in verschillende gedaanten: als cynische metgezel ‘Gelukkig geeft de dood aan wie leeft / Zijn hartstochtelijk gezicht’, afgewezen minnaar ‘Jouw liefde rijst zelfs op een zak van ijs.’ of als meedogenloze inbreker ‘Ons hart lag met de poten omhoog. En wreed was de stilte in het huis dat hij had leeggegeten.’

Dat dit alles slechts kwade wind is, blijkt uit de cycli ‘Marie’, ‘Splinters van licht’ en ‘Waaitijd’. Hierin wordt het leven bezongen, zij het met een ondertoon van wat onvermijdelijk komen moet: ‘Het leven zelf werd overmacht – / Had de prachtigste ogen.’

Met ‘Slechts kwade wind’ neemt Vera Alexander Beerten definitief haar plaats in als klassieke waarde in de Nederlandstalige poëzie.

Knipsel

Vanochtend bij het vlieden van mijn slaap
Weenden er vreemde vaders in mijn hoofd –
Ze hingen in gebroken schommels

Met grote nutteloze handen
En wiegden gelijkmatig en droef
Zoals gehangenen aan touwen in wind.

Hun eindigheid was plots immens –
IJzingwekkend de vrolijkheid waarmee
Hun kinderen na te zijn gedood
Nog verder bleven spelen.

Over de auteur

Vera Alexander Beerten (Hasselt, 1957), lic. godsdienstwetenschappen en wijsbegeerte (KULeuven), publiceerde in tijdschriften als Diogenes, Deus ex Machina en Stroom. Ze trad op tijdens verscheidene poëziemanifestaties (o.a. De Nachten van de Poëzie in Antwerpen).

Recensies

  1. :

    “In de nieuwe bundel Slechts kwade wind staat de dood centraal. De talloze gedaanten waarin de dood zich verhult, sturen de lezer zowat alle kanten op: het geluk waarin het einde ligt ingebakken, de dood die zich onverwacht aandient als een inbreker, ‘zonder voorteken’, zoals een cyclus werd getiteld, of het kind dat zich nog niet bewust is van zijn lot en spelend maar onherroepelijk opgroeit.”

    Stefan Van Den Bossche, Poëziekrant, 2011

  2. :

    “De poëzie van Vera Beerten (1957) is intimistisch, maar tegelijk schrijft de dichteres vanuit een sterk bewustzijn van de geschiedenis, de literatuur en de taal. Bijzonder veel gaat uit naar de regelafbrekingen, strofebouw, beeldspraak, symboliek, zinsbouw. Toch zijn deze gedichten nooit hermetisch of onverschillig. Integendeel, Beerten weet de lezer te raken met een bijzonder krachtige en indringende verwoording. Opvallend veel gedichten in deze bundel gaan (…) over dood en verlies. De moederfiguur maar ook bevriende dichters vallen weg, en op aangrijpende wijze wordt aangegeven hoezeer die confrontatie het dichterlijke ik beroert maar de buitenwereld niet.

    Redactie Vlabin-VBC, NBD Biblion

  3. :

    “Vera Beerten toont in haar derde bundel nog duidelijker dan voorheen haar eigen toon als dichteres. Beerten weet de lezer te raken als dichter, niet met goedkope emotionaliteit maar met een bijzonder krachtige en indringende verwoording. Slechts kwade wind is een wiskrachtige, waardevolle bundel”

    Dirk De Geest, De Leeswolf, 2011