DeCree-Erbarmedich
Publicatie datum

24/02/2017

ISBN

978-94-92339-26-3

 24,50

Erbarme dich

Auteur: Marleen de Crée

 

 Wonden, daar begint het mee. Geen druppel bloed en toch gutst de pijn uit de openingen. Dat leven lijden is en soms geen ontkenning verdraagt, enkel medeleven. Marleen de Crée dicht het zeer uit de onthutsend rauwe sculpturen van Berlinde De Bruyckere.

Hoe het leven je omspit. Dag na dag volgt waarop weer niets gebeurt. De schaduwen in je haar kruipen. Vallende paarden de aarde zwart kleuren. Het vel scheurt, de regels vallen, je verhaal uiteenrijt. Geen gevoel is zo universeel vereenzamend en net daarom verbindend. Woord en beeld leggen omzichtig de kwetsuur bloot die flakkert op het brandpunt van het leven. Ze werken in als balsem op een vergiftigd lijf. Enkel kunst kan zo zacht priemen.

De Crée citeert Goethes beroemde hymne Härzreise im Winter op het orgelpunt. De melancholie heeft haar donkerste tint bereikt, maar als er een toon overblijft die het oor bekoort, dan pulseert het hart toch. De toon die het wolkendeken verdampt, zodat de duizend fonteinen daaronder zichtbaar worden voor die ene dorstige in de woestijn. Laat die toon deze toon zijn, de stem van de dwalers.

Johan van Cauwenberge kadert het dubbelspel tussen dichteres en kunstenares in een verhelderend essay. Drietalige uitgave met vertaling naar het Frans en het Engels.

Knipsel

 

zijn kleren waren weg. vreemde
kleren waarin zijn lichaam paste
maar hij niet. hij hoorde hier
niet thuis. hij was niet meer.

iemand had hem bedacht. ergens
tussen de wolken had hij hem gezien.
met gesloten ogen en open hand
was hij eraan begonnen nacht

over een mens te storten. toen had hij
zich vergist. in al zijn ijver sloop zijn
twijfel, zijn misschien. hoever, hoezeer

een deinend leven hem had omgespit,
hoe hij naakt en opgerold zich nergens
meer kon vinden dan in een vredig wit.

 

Over de auteur

Marleen de Crée (Bree, 1941) werd talrijke malen onderscheiden, o.a. met de Provinciale Prijs van Antwerpen voor Poëzie, de Maurice Gilliams- en de August Beernaertprijs van de KANTL en de prijs van de Vlaamse Poëziedagen. Zij publiceerde een 25-tal dichtbundels en gedichten werden opgenomen in tijdschriften en verzamelbundels in Vlaanderen en Nederland.

“Van bij haar debuut is het duidelijk dat Marleen de Crée alleen maar ambachtelijke gave poëtische produkten wil uitgeven. Uit het poëtisch instrumentarium kiest ze procédés als inversie, enjambement, intensifiërende herhaling, synesthesie, paranomasie, die het haar mogelijk maken via de verwoorde emotie de beleefde emotie zo dicht en adequaat mogelijk te benaderen.”
Joris Gerits in Over de brug der aarzelingen (Poëziecentrum 1990)

“Poëzie die mij beroert is poëzie die tegelijk subtiel en complex is, die niet voorspelbaar is en die mij op het verkeerde been zet. Voor mij beantwoordt de poëzie van Marleen de Crée aan die definitie. Je kan ze altijd opnieuw lezen omdat ze leeft, groeit en complexer wordt bij elke lectuur. ”
Joris Gerits in Tussen boog en snaar (Uitgeverij P 2012)

“Marleen de Crée schrijft geen vrijblijvende, maar zeer confronterende poëzie. Wie ze leest begeeft zich op “Kwalsterijs” met bedrieglijke, gevaarlijke wakken.”
Joris Gerits over Druppelpunt (Uitgeverij P 2015)

Fotografe en videoartieste Mirjam Devriendt (Brussel, 1961) studeerde aan LUCA, School of Arts in Brussel. De Gentse fotograaf en grafisch ontwerper Johan Duyck was haar mentor in de fotografie. Zij is de huisfotografe van Berlinde De Bruyckere. Ze werkt regelmatig mee voor verschillende muziek- en theaterensembles, opera, en ballet. Zij doceert in de fotografie- en projectafdeling van de RHoK Academie Beeldende Kunsten in Brussel.

Kunstenares Berlinde De Bruyckere (Gent, 1964) geeft het menselijk lichaam terug aan de kwetsbaarheid, de vergankelijkheid en de eenzaamheid. Haar veelbesproken sculpturen bevolken Belgische en buitenlandse musea, ze vertegenwoordigde België tweemaal op de Biënnale van Venetië. In 1999 ontving ze de Vlaamse Cultuurprijs voor Beeldende Kunst en in 2015 werd ze tot eredoctor aan de Universiteit Gent bekroond.

Recensies

  1. :

    “De titel Erbarme dich doet denken aan de ontroerende aria uit Bachs Matteuspassie. Marleen de Crée, met al 25 gedichtenbundels op haar erelijst niet langer aan haar proefstuk toe, verkeert in deze prestigieuze drietalige uitgave in goed gezelschap, want haar hoofdletterloze gedichten zijn geconcipieerd bij sculpturen van (…) Berlinde De Bruyckere (…). De twee kunstenaars hebben een vruchtbare en meerduidige symbiose met elkaar aangegaan. De vertaling in het Frans (Frans de Haes) en het Engels (Willem Groenewegen), volgt (…) trouw het Nederlandstalige origineel. Het is altijd enigszins avontuurlijk om je ogen over en weer te laten glijden en te kijken hoe een bepaalde wending in de andere talen een eigengereid gezicht krijgt.”

    Jacob Baert, Ambrozijn, 2018

  2. :

    “Met de poëzie van Marleen de Crée is het zoals met de wijn: ieder jaar wordt de toets ervan indrukwekkender. Erbarme dich kan inderdaad in meer dan een opzicht gelden als een hoogtepunt in haar imposante oeuvre. De bundel bevat niet alleen sterke gedichten, hij geeft ook blijk van een gevoel voor samenhang en literaire ambitie. De Crée heeft haar gedichten geschreven in nauwe relatie tot het beeldend werk van Berlinde de Bruyckere (…). Hoe dan ook gaat het daarbij in de eerste plaats om de gedichten zelf. Het imposante werk van De Bruyckere is al eerder de inspiratie gebleken voor dichters en schrijvers, maar wat mij betreft levert De Crée hier een huzarenstukje af. Zij is erin geslaagd om de sfeer, de dramatiek maar ook de ingehouden pathetiek van de sculpturen te verklanken in een geheel eigen, maar even krachtig idioom. Een boek vol mededogen, maar ook met veel aandacht voor de kracht van broosheid.”

    Dirk De Geest, Mappa Libri, 2017

  3. :

    “In tien strak opgebouwde sonnetten zoekt De Crée de confrontatie met evenveel beelden van De Bruyckere. Met haar niets of niemand ontziende beelden van flardenmensen, verminkte paarden of doodse boomstructuren legt De Bruyckere de waanzin van de oorlog bloot. Een aanklacht maar even nadrukkelijk een bede om mededogen voor mens en dier in een omgeving die wat ons rest aan menselijke waarden, ontkent en tenietdoet. De Crée heeft de woorden gevonden om (…) deze fundamentele betekenislaag te ontginnen. Erbarme dich is het werk van een dichteres die haar eigen stem allang heeft gevonden. Binnenrijmen, elliptische versopbouw, een subtiel aangebrachte interpunctie met weglating van hoofdletters, beelden die drijven op de kracht van de suggestie: het maakt van de sonnettencyclus een rijk geheel.”

    Jooris van Hulle, Poëziekrant, 2017

  4. :

    “Marleen de Crée zelf gaat een gesprek aan met een aantal sculpturen van Berlinde de Bruyckere, in beeld gebracht door fotografe Mirjam Devriendt, en de gedichten werden in het Engels en het Frans vertaald door Willem Groenewegen en Frans de Haes. Het Gesamtkunstwerk doet me aan middeleeuwse kathedralen denken, sculpturen komen immers tot leven in de ruimte en in de gedichten van de Crée is één van de kernwoorden licht. Licht en schaduw zijn bepalend voor de visuele verbeelding, vooral door de beleving van sculpturen. De waanzin van de vernietigende mensenmassa wordt in tien sonnetachtige gedichten aangeboord (…). De confrontatie met het kwetsbare ik drijft veel mensen in een uitzichtloze eenzaamheid – ook dat is oorlog. En hebben we daar voldoende aandacht voor, voldoende begrip, voldoende erbarmen? Voor wie werd ‘de wereld te licht’ en voor wie ‘wordt de aarde zwart?” Ook voor hen was leven een (pijnlijk) verblijf. Zonder schaamte, zonder enige terughoudendheid hebben de beeldhouwster en de dichteres die pijnlijke levenswijsheid gevat.”

    Romain John van de Maele, Meander, 2017

  5. :

    “Al vanaf het eerste gedicht valt de densiteit op van Marleen de Crées zegging, een gevolg van de intensiteit waarmee zij de “sculpturen” van Berlinde De Bruyckere in zich heeft opgenomen. Het is dan ook een symbiose geworden, een indrukwekkende weergave van wat er zich afspeelt wanneer de vergankelijkheid op de grens van het sublieme van gedaante wisselt. Indien het bekijken van de sculpturen soms een pijnlijk genot teweegbrengt, omdat die te mooi zijn om wreed te zijn, dan houden de gedichten al bij al een verzoenende boodschap in, zoals een gebed dat kan. De titel is daarom heel goed gekozen. Kortom: een bundel om te koesteren en niet meer te vergeten.”

    Lucienne Stassaert

  6. :

    “Wie eenmaal sculpturen van Berlinde De Bruyckere zag, die uit verwrongen menselijke en dierlijke ledematen bestaan, zal die niet licht vergeten. Ze drukken kwetsbaarheid en pijn uit, fascineren en roepen mededogen op. Bij tien van de beelden (…) schreef Marleen de Crée evenzoveel gedichten, die ook in een engelse versie (…) en een Franse (…) in het boek werden opgenomen. Haar rijm- en metrumloze sonnetten passen in hun rijke beeldspraak en toch pregnante zegging wonderwel bij het visuele werk (…). Het resultaat is tweemaal een drievoudige bevestiging van essentie; vrijblijvendheid krijgt in deze drie disciplines en drie talen geen enkele kans. De kwaliteit overstijgt daarmee duidelijk de beperkte kwantiteit.”

    Albert Hagenaars, NBD Biblion, 2017